Cultuur

Monumenten Aruba in de lift

Veel markante gebouwen op het Caribische eiland staan te verkommeren. Maar Aruba heeft grootse renovatieplannen met zijn erfgoed. Voor de eigen bevolking én om toeristen te trekken.

De honderdjarige vuurtoren vertoont zorgwekkende roestplekken. Het ooit trotse, neo-barokke herenhuis biedt de aanblik van een ruïne, en de allererste apotheek van het eiland kreunt treurig in de felle passaat. Enkele monumenten op Aruba mogen zijn opgeknapt, een aanzienlijk deel verkeert in slechte, soms zeer slechte staat.

Maar redding lijkt nabij. Veel gezichtsbepalende gebouwen op het eiland zullen de komende jaren een ingrijpende restauratie ondergaan, vertelt de (Nederlandse) directeur van de Stichting Monumentenfonds Aruba, Anne Witsenburg. ‘Op Aruba staat monumentenzorg na twintig jaar nog enigszins in de kinderschoenen. Curaçao werkt al drie keer zo lang aan zijn culturele erfenis; het centrum van Willemstad staat op de werelderfgoedlijst.’

De particuliere stichting en het monumentenbureau van de Arubaanse overheid hebben de handen ineen geslagen om zowel het industriële, architectonische als het immateriële cultureel erfgoed en op grote schaal aan te pakken. ‘Een inhaalslag’, meent Witsenburg. Inmiddels zijn ruim driehonderd gebouwen in kaart gebracht die grondig herstel nodig hebben. Met ruim zeventig eigenaren zijn gesprekken gaande. Probleem is dat één gebouw door overerving soms wel veertig eigenaren heeft.

Karakteristieke panden

De opgeknapte art-deco watertoren. © Ariën Rasmijn

Een aantal karakteristieke panden is recentelijk al opgeknapt. Zoals de watertoren van San Nicolas, de tweede stad van het eiland na Oranjestad, die voor ruim een miljoen euro werd vernieuwd. Het art-deco bouwwerk uit 1939 gaat later dit jaar onderdak bieden aan een industriemuseum. ‘Aruba dankte zijn rijkdom aan goud, fosfaat, aloë en olie’, zegt Witsenburg. ‘In de crisis van eind jaren tachtig ging de raffinaderij dicht en veranderde het gebied eromheen in een ghost town. De economische focus werd verlegd naar het toerisme.’

Dat was indertijd vooral gericht op strand, zee en exotische cocktails. Cultureel erfgoed stond nog niet op het lijstje met unique selling points. Witsenburg: ‘Na een crisis kost het doorgaans één generatie om waardering te krijgen voor de betekenis van erfgoed – die periode is nu aangebroken.’ Met de opgeknapte gebouwen en hun verhalen hoopt Aruba het toerisme een nieuwe, meer inhoudelijke impuls te geven.

Het eiland krijgt ook een community-museum en een carnavalsmuseum. De Arubaanse bevolking en haar cultuur zijn met recht kleurrijk te noemen, zegt Witsenburg. ‘De raffinaderij trok veel mensen van andere Caribische eilanden, maar ook uit Noord- en Zuid-Amerika. Er is een unieke mix ontstaan van muziek, dans, eten en religie – je ziet dat terug in de architectuur. Dat immateriële erfgoed willen we evengoed levend houden, zodat de gerestaureerde gebouwen geen levenloze uitstraling krijgen.’

Historisch stijlvoorbeeld

Een historisch stijlvoorbeeld is de villa die de rijke familie Arends in 1928 in Oranjestad liet bouwen. In de ban van de neobarokke architectuur uit Colombi lieten ze een Arubaanse architect enkele panden ontwerpen in dezelfde stijl. Het woonhuis bood later onderdak aan het lokaal bekende restaurant Papiamento. De crisis bracht de genadeslag. Bijna twintig jaar stond de villa leeg alvorens een brand het vorig jaar veranderde in een ruïne. Aan de hand van de originele bouwtekeningen krijgt het pand nu opnieuw gestalte.

Op de westpunt van Aruba staat al honderd jaar het nog altijd functionerende California Lighthouse. Na een restauratie in de komende maanden wordt de vuurtoren opengesteld voor publiek. De entreegelden gaan in de pot waaruit restauratie en onderhoud worden terugbetaald. Een voormalig warenhuis annex bankgebouw uit 1951, waarin ooit het politiebureau was gevestigd, krijgt zijn oorspronkelijke atrium en zijn vides terug. Witsenburg: ‘Het is de bedoeling dat hierin het toeristenbureau wordt ondergebracht. Uit de huur wordt de restauratie terugbetaald.’

Geldschieters

Het roestige California Lighthouse op de westpunt van het eiland. © Caribisch netwerk

Deze methode wordt vaker toegepast; het geld voor de restauratie komt van verschillende geldschieters. Via het Nationaal Restauratiefonds in Nederland, dat financieel wordt gevoed door het ministerie van Cultuur, is een zogenoemd revolving fund in het leven geroepen. Elk van de eilanden in de ‘Dutch Caribbean’ heeft een lening gekregen tegen een lage rente; voor Aruba betreft het twee miljoen euro. Exploitatieopbrengsten van opgeknapte gebouwen worden teruggestort in het revolving fund om door het eiland zelf te worden gebruikt voor restauratie van weer andere gebouwen.

Bedragen uit het fonds worden aangevuld met leningen bij een lokale bank. De monumenteninstanties zijn ook in gesprek met lokale pensioenfondsen, banken en verzekeraars, en hopen dit jaar ook banden aan te knopen met Amerikaanse fondsen.

Volkskrant / 25 juli 2015 / Nell Westerlaken

Previous post

Geen nieuwe regels, maar handhaving

Next post

Volkskrant op zoek naar verklaring honkbalsucces Curaçao

Comité Koninkrijksrelaties

Comité Koninkrijksrelaties

No Comment

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

17 + drie =

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.