Speciale gebeurtenissenUitgelicht

Guera na Kòrsou?! War in Curacao 1940-1945

In het Curaçaos museum is de tentoonstelling ‘Guera na Kòrsou’ nog tot 12 juli te bekijken. Een aanrader, want de Tweede Wereldoorlog had soms grote gevolgen voor het leven van velen op het eiland. Deze website biedt meer informatie over de expositie.

Vanwege de grote economische (olie-)belangen was het logisch dat, na de overval op Nederland, Engelse en Franse troepen op de Antillen werden gestationeerd. Op 11 mei 1940 waren al 180 Franse mariniers op Aruba, op 13 mei kwamen 800 Engelse manschappen naar Curaçao en Sint Maarten.

Na de capitulatie van Frankrijk, in juli 1940, namen de Britse militairen de Franse plek in. Het Franse deel van Sint Maarten werd overigens nooit pro-Duits.

Nederland had slechts een paar honderd mariniers op de eilanden, vermeerderd met rond de 2000 ‘schutters’ in de Vrijwilligerskorpsen van Aruba (VKA) en Curaçao (VKC). In de loop van de oorlog groeide het aantal naar circa 3000 man.

Poster van een expositie in Amsterdam in 2004

De VS-militairen werden actief op de eilanden toen de VS zich na de Japanse aanval op Pearl Harbor (7 december 1941) officieel bij de Geallieerden voegden.

In januari 1942 werden 6 A-20 bommenwerpers op Aruba en Curaçao gestationeerd. Op 11 februari kwamen rond 2300 man grondtroepen vanuit New Orleans aan: een groot deel voor Curaçao, een iets kleiner voor Aruba. Drie dagen later vertrok het Britse garnizoen van intussen ca. 1400 militairen uit de Antillen.

Actie ‘Neuland’

In de nacht van 15 op 16 februari 1942 vond de eerste aanval van Duitse onderzeeboten op het westelijk halfrond plaats. Hij was gericht op het olietransport tussen Venezuela en de Antillen en de olieopslag zelf. Er namen zes Duitse en twee Italiaanse onderzeeërs aan deel. Die van de bevelhebber, de U-156, zou de hel verlichte olieraffinaderijen van Esso en Shell op Aruba en Curaçao aanvallen, de anderen de transporttankers.

Om 01.31 uur was het raak. De eerste treffer was voor het Britse Lago-tankerschip Pedernales in de Sint Nicolaas-haven op Aruba. Het brandde uit. Acht bemanningsleden kwamen om het leven. Ook de kleinere ‘Oranjestad’ werd kort hierna geraakt en zonk. Vijftien opvarenden verloren hier hun leven.

De U-156 kwam vervolgens aan het oppervlak en vuurde met het dekkanon 16 anti-vliegtuiggranaten af op de Lago raffinaderij. Er werd maar weinig schade aangericht; de tanks waren van massief staal. Wel kreeg de Bernhardschool in St.Nicolaas veel schade.

Ook in de haven van Oranjestad verscheen een Duitse onderzeeër. Het was dezelfde U-156. Twee torpedo’s misten de Amerikaanse tanker Arkansas (Texaco) bij de Eagle raffinaderij van Shell, maar een derde richtte beperkte schade aan. De tanker was leeg en ontgast. De U-156 hoorde vliegtuigen opstijgen van het Dakota-vliegveld, dook onder en zette koers naar Martinique. Bij het opruimen van een van de torpedo’s de dag erna, werden vier Nederlandse mariniers gedood.

De U502, die in juli 1942 door de Britse Royal Navy voor de Franse kust bij La Rochelle tot zinken is gebracht

Op die 17de februari kwam een andere U-boot, de U-502, naar Oranjestad-haven. De onderzeeër had de dag ervoor drie tankers tot zinken gebracht, met 29 dodelijke slachtoffers, en kwam misschien om het karwei van de U-156 af te maken. Hij liep door de sterke stroming op een rif, maar wist los te komen. De U-502 bleef daarna vijf uur lang voor de ingang van de haven hangen, zonder iets te doen. Het verhaal gaat dat de kapitein rekening hield met de vele schoolkinderen die op de ramp waren afgekomen.

Prinses Beatrix opende 'Guera na Kòrsou'

Prinses Beatrix opende ‘Guera na Kòrsou’

Curaçao

Ook Curaçao werd aangevallen. Men was gewaarschuwd, want de vuurzee op Aruba was vanaf Curaçao, 75 km verder, zichtbaar. In de vroege ochtend van dezelfde 16 februari 1942 nam een Duitse onderzeeboot, de U-67, de opslagtanks en twee tankers van de Shell-raffinaderij bij Bullenbaai onder vuur. De Surinaamse kanonnier Marinus van Niel beantwoordde het vuur onmiddellijk en de U-boot verdween. De U-67 vuurde later nog vier torpedo’s af op de Nederlandse tanker Rafaela die op 500 meter van de St. Annabaai voor anker lag. Een daarvan trof doel en zorgde voor zware schade, maar het schip zonk pas in de haven en er vielen geen slachtoffers. Dezelfde U-67 kwam op 21 februari terug en bracht bij de Westpunt de Noorse olietanker Kongsgaard tot zinken. 38 van de 46 bemanningsleden kwamen om het leven.

Interneringskampen

Direct na de Duitse inval in Nederland werden op de Antillen 41 van NSB-sympathieën verdachte burgers en ruim 200 Duitsers opgepakt en geïnterneerd op Bonaire. Onder de Duitsers bevonden zich echter ook joodse vluchtelingen uit Duitsland en Oostenrijk en andere antifascisten. De verhoudingen in het kamp waren uiterst moeilijk. Ook de voedselvoorziening was niet geregeld en aanvankelijk moest de pastoor met brood langskomen. Mannen en vrouwen waren door prikkeldraad gescheiden, kinderen kregen geen onderwijs.

arrestatie van ‘verdachte’ burgers, waarvan velen onschuldig en sommigen zelfs op de vlucht voor de nazi’s naar de Antillen gekomen

Hieronder nog een leerzaam filmpje over de oorlogsjaren in de Antillen en Suriname, gemaakt voor een eerdere tentoonstelling in Nederland.

Previous post

Swingende cocktail uit Almere

Next post

Steunend op eigen kracht, doch met de wil elkander bij te staan

Comité Koninkrijksrelaties

Comité Koninkrijksrelaties

No Comment

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

vijftien − zeven =

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.